Grasmineermotten

De grasmineermotten (Elachistidae) vormen een familie van kleine motten waarvan het overgrote deel in het stadium van rups een levenswijze kennen van bladmineerder. Deze motten worden vooral geïnventariseerd door de mijnen in het blad te zoeken. Deze motten zijn klein en onopvallende, vaak raadselachtig in hun voorkomen en manier van leven. De soorten kunnen vaak herkend worden aan hun gladde kop, lange gekromde palpen en lancetvormige voorvleugel die vaak wit, grijs of zwart met witte vlekken zijn.

De platlijfjes (Depressariinae) waren voorheen als onderfamilie beschreven onder de tastermotten (Gelechiidea), daarna zijn ze een eigen familie geweest (Drepressariidae) en zijn nu als onderfamilie onder de Grasmineermotten (Elachistidae) geplaatst. De rupsen leven vooral in een cocon gemaakt van bladeren, bloemen of zaden en spinsel. De rupsen van een paar soorten zijn bladmineerders of boren zich in een stengel.

 

Onderfamilie: Agonoxeninae
Geslacht: Blastodacna

Meidoornkwastmot – 2023 (NL)
(NCBI-index: 1.073604)

De meidoornkwastmot (Blastodacna hellerella) lijkt erg op de appelkwastmot (Blastodacna atra), maar is kleiner, lichter gekleurd en heeft geen geelbruine kleur richting de basis van de vleugel. De voorvleugel is donker of zwartbruin met een witte veeg vanaf de vleugelwortel richting de binnenrandhoek. Op 1/3 wordt de witte veeg iets smaller en is een langwerpige zwarte vlek te zien. Op 2/3 is een helder witte, zwart omlijnde, vlek te zien met richting de vleugelpunt een zwarte vlek. Zowel de poten als de naar achteren gerichte lange antennes zijn alternerend zwart en wit gestreept. De vliegperiode is in één generatie van mei tot augustus en de spanwijdte bedraagt 11 mm. Waardplant: meidoorn. Engelse benaming: Hawthorn Cosmet. Friese benaming:

Vliegperiode:

 

Onderfamilie: Depressariinae
Geslacht: Agonopterix

Bonte kaartmot – 2018 (NL)
(NCBI-index: 1.666438)

De meest algemene soort binnen de platlijfjes is de bonte kaartmot (Agonopterix ciliella). Deze mot lijkt erg op de gewone kaartmot. Het verschil is het beste te zien in de vleugelfranje. Bij de gewone kaartmot lopen slechts één of twee donkere banden waar bij de bonte kaartmot aan de binnen en buitenzijde twee banden lopen met daar tussen vijf lichtere banden. Ook de poten verschillen. Bij de bonte kaartmot zijn de laatste segmenten donker gekleurd terwijl dit bij de gewone kaartmot lichtgekleurd is. De vliegperiode is van augustus tot mei en de spanwijdte is 19-24 mm. Waardplant: engelwortel, pastinaak, berenklauw. Engelse benaming: Large Carrot Flat-body. Friese benaming:

Vliegperiode:

 

Onderfamilie: Depressariinae
Geslacht: Agonopterix

Vale bremkaartmot – 2018 (FR)
(NCBI-index: 596664)

De vale bremkaartmot (Agonopterix scopariella) wordt in Nederland maar weinig gezien. Dit platlijfje is gebonden aan zonnige plekken waar veel bremstruiken staan. Op mijn vakantie in de Vendée, waar het op dat moment dik 30 °C was, dus in een ideale omgeving. De bovenkant van de vleugels zijn helder geelbruin tot crèmekleurig met veel donkere spikkels. Op de vleugel zit een zwarte vlek met daar vlak naast een wit vlekje waarvan de rand roodbruin is. Daarnaast is nog een tweede wit vlekje te zien. De twee witte vlekjes zijn een markering om hem te onderscheiden van de distelkaartmot (Agonopterix subpropinquella). Vlakbij de grotere zwarte markering zitten, richting de vleugelbasis, twee iets duidelijkere zwarte stipjes. De vliegperiode is van augustus tot april en de spanwijdte bedraagt 13-16 mm. Waardplant: brem. Engelse benaming: Broom Flat-body. Friese benaming:

Vliegperiode:

 

Onderfamilie: Depressariinae
Geslacht: Agonopterix

Spitse kaartmot – 2018 (FR)
(NCBI-index: 1.666440)

Een platlijfje die niet erg vaak in Nederland wordt gezien is de spitse kaartmot (Agonopterix nervosa). De bovenkant van de voorvleugel zijn zacht bruin tot iets lichtgelig waarbij een strook langs de voorrand van de vleugel opvallend lichter gekleurd is. In het midden van de vleugel zit een lichte langwerpige vlek. De ringvlek het dichtst bij de vleugelbasis is zwart en de andere is wit met een roodbruine omranding. Vlakbij de witte ringvlek zit een roodbruine langwerpige vlek. De franje van de vleugel is veel donkerder dan de vleugel zelf en de vleugelpunt is vrij puntig. De vliegperiode is in één generatie van juni tot in september en de spanwijdte bedraagt 16-22 mm. Waardplant: brem. Engelse benaming: Dark-fringed Flat-body. Friese benaming:

Vliegperiode:

 

Onderfamilie: Depressariinae
Geslacht: Agonopterix

Roodvlekkaartmot – 2019 (NL)
(NCBI-index: 1.594225)

De roodvlekkaartmot (Agonopterix ocellana) heeft zijn naam te danken aan de rood, grijsbruine vlek halverwege de vleugel. Tevens is een roodachtige korte streep en een rood omcirkelde witte stip op 3/5 van de vleugel. Verder is de vleugel vaal zandbruin van kleur met zwarte spikkels. De vliegperiode is gedurende het gehele jaar in één generatie en de spanwijdte is 19-23 mm. Waardplant: wilg. Engelse benaming: Red-letter Flat-body. Friese benaming:

Vliegperiode:

 

Onderfamilie: Depressariinae
Geslacht: Agonopterix

Bleke kaartmot – 2019 (NL)
(NCBI-index: 1.594222)

De voorvleugel van de bleke kaartmot (Agonopterix arenella) is vaal zandbruin en soms gevlekt roodbruin met een fijne zwarte spikkeling. Op 1/3 van de vleugel zijn twee schuine zwarte stippen te zien en een zwarte stip op de helft van de vleugel. Tussen de zwarte stippen bevinden zich donkergrijze vlekken en meerdere grijze markeringen langs de voorrand van de vleugel. Langs de achterrand zijn meerdere zwarte stipjes te zien. De vliegperiode is gedurende het gehele jaar in één generatie en de spanwijdte bedraagt 16-22 mm. Waardplant: distel. Engelse benaming: Brindled Flat-body. Friese benaming:

Vliegperiode:

 

Onderfamilie: Depressariinae
Geslacht: Agonopterix

Waddenkaartmot – 2019 (NL)
(NCBI-index: 1.857955)

De maand april leverde toch een aantal nieuwe soorten op in de familie van de platlijfjes. Aangezien op meerdere websites werd gemeld dat de waddenkaartmot (Agonopterix curvipunctosa) zeldzaam was, twijfelde ik lang aan de juiste naamgeving van deze spot. Overleg met deskundigen bevestigde mijn vermoeden. De voorvleugel is grijsbruin bezaaid met zwarte schubben. De zwarte vlekken zijn zo dicht bij elkaar dat het net een maantje lijkt. De vliegperiode is van augustus tot mei in één generatie en de spanwijdte is ca. 16 mm. Waardplant: fluitenkruid, kervel. Engelse benaming: Powdered Flat-body. Friese benaming:

Vliegperiode:

 

Onderfamilie: Depressariinae
Geslacht: Agonopterix

Peenkaartmot – 2019 (NL)
(NCBI-index: 1.857959)

De vleugels van de peenkaartmot (Agonopterix yeatiana) zijn grijsbruin tot bruinwit en  licht van kleur. De stigma is donkerrood omringd met daarboven vaak nog een donkere vlek. De beide ringvlekken zijn klein en zwart. De franje is zwart geblokt en vanaf de franjes lopen enkele vage zwarte lijnen richting de stigma. Langs de achterrand is een rij zwarte stippen te zien. De vliegperiode is gedurende het gehele jaar in één generatie en de spanwijdte bedraagt 18-22 mm. Waardplant: peen, dolle kervel, selderij. Engelse benaming: Coastal Flat-body. Friese benaming:

Vliegperiode:

 

Onderfamilie: Depressariinae
Geslacht: Agonopterix

Zwartvlekkaartmot – 2023 (NL)
(NCBI-index: 1.430472)

De zwartvlekkaartmot (Agonopterix propinquella) kan verward worden met de distelkaartmot (Agonopterix subpropinquella). De zwartvlekkaartmot heeft echter een vaal grijze of bruine grondkleur met een donker omlijnde crème bruine vlek bij de vleugelwortel. De distelkaartmot is vaak roodbruin en de twee opvallende zwarte vlekken zijn kleiner dan die van de zwartvlekkaartmot. Daarnaast heeft de zwartvlekkaartmot nog enkele donkere vlekjes langs de voorrand van de voorvleugel. Vliegperiode is in één generatie eigenlijk het gehele jaar door en de spanwijdte bedraagt 16-19 mm. Waardplant: speerdistel, akkerdistel. Engelse benaming: Black-spot Flat-body. Friese benaming:

Vliegperiode:

 

Onderfamilie: Depressariinae
Geslacht: Depressaria

Pastinaakplatlijfje – 2019 (NL)
(NCBI-index: 1.594273)

Het pastinaakplatlijfje (Depressaria radiella) lijkt veel op het karwijplatlijfje (Depressaria daucella), maar is normaal gesproken groter en heeft langs de achterrand een serie zwarte stippen op de voorvleugel. De voorvleugel is verder vaal grijsbruin, zandkleurig gespikkeld en heeft halverwege een serie zwartachtige strepen in de lengterichting. Op 3/4 zit een dwarsband die iets valer van kleur is. De vliegtijd is van augustus tot in mei in één generatie en de spanwijdte bedraagt 19-27 mm. Waardplant: berenklauw, pastinaak. Engelse benaming: Parsnip Moth. Friese benaming:

Vliegperiode:

 

Onderfamilie: Elachistinae
Geslacht: Elachista

Grijsgevlekte grasmineermot – 2019 (NL)
(NCBI-index: 1.442294)

Een paar keer op avond hetzelfde natuurgebied in waar veel begroeiing langs het water staat leverde een aantal nieuwe soorten op. Zo ook de grijsgevlekte grasmineermot (Elachista maculicerusella). Deze grasmineermot wordt meestal aangetroffen in vochtige gebieden zoals bij poeltjes, sloten en meren waar riet groeit. De voorvleugel is wit, soms licht grijsbruin, met een onregelmatige donkerbruine dwarsband halverwege en een lichte vlek op 2/3. De achtervleugels zijn licht okergeel bij het vrouwtje en bij het mannetje wat donkerder en bruiner. De vliegperiode is in één generatie van april tot in augustus en de spanwijdte bedraagt 10-12 mm. Waardplant: struisgras, kanariegras, riet. Engelse benaming: Triple-spot Dwarf. Friese benaming:

Vliegperiode:

 

Onderfamilie: Ethmiinae
Geslacht: Ethmia

Kleine zwartwitmot – 2018 (NL)
(NCBI-index: 1.869869)

De eerste keer dat ik de kleine zwartwitmot (Ethmia quadrillella) heb ik gespot was heel toevallig. Na het fotograferen van een spanner, die op het doek was geland bij een nachtvlindersessie, bleek bij controleren van de foto een paar dagen later dat er nog een kleine opvallende mot op de foto stond. De voorvleugel heeft een patroon van witte en zwarte vlakken. De vleugelpunt is zwart met nog een zwarte strook die van voorrand naar het midden van de vleugel loopt. Dichter bij de binnenrand zitten twee zwarte stippen. De vliegperiode is van mei tot augustus in één generatie en de spanwijdte bedraagt 15-19 mm. Waardplant: gewone smeerwortel. Engelse benaming: Comfrey Ermel. Friese benaming:

Vliegperiode: