Bladrollers

Het lichaam van de bladroller (Tortricidae) is meestal bruin, groen of grijs. De naam hebben ze te danken aan de rups die een blad oprolt en daarin leeft. De rechthoekige vleugels lijken vrij breed en in rusttoestand worden ze als een dak gevouwen. De kop is bedekt met ruwe schubben en de spanwijdte bedraagt zo’n 8 tot 40 mm.

Topspinnertje – 2015 (NL)

Het topspinnertje (Rhopobota naevana) heeft een lichtgrijze of lichtbruine grondkleur met op de bovenkant twee bredere dwarsbanden die donkerder gekleurd zijn. De vliegtijd is van juli tot september. Waardplant: sleedoorn, meidoorn, peer, lijsterbes, sering, haagbeuk, blauwe bosbes en rode bosbes. Engelse benaming: Holly tortrix. Friese benaming: –

Paardenbloembladroller – 2015 (NL)

De paardenbloembladroller (Celypha striana) heeft een licht grijsbruine grondkleur en met zijn donkere middenband onderscheidt hij zich van de andere Celypha spp. Verder bevindt zich dichtbij de vleugelpunt een tweede gehoekte donkere band. Deze bladroller vliegt vanaf schemer in de periode van juni tot en met augustus. Waardplant: paardenbloem en smalle weegbree. Engelse benaming: Barred marble. Friese benaming: –

Distelzadelmot – 2017 (NL)

De distelzadelmot (Epiblema scutulana) is een mot die erg lastig te onderscheiden is van de Zuidelijke distelzadelmot en de variabele zadelmot. Het is een vrij donkere mot met een opvallende witte vlek in het midden van de vleugels. Dit is het best te zien wanneer de mot in de rusthouding zit. Het lijkt dan net een zadel waar hij zijn naam ook aan te danken heeft. Bij sommige exemplaren zie je dat de witte vlek meer een witte band is. De vliegtijd is van mei tot en met juni. Waardplant: knikkende distel, speerdistel, klis en knoopkruid. Engelse benaming: Thistle bell. Friese benaming: –

Brandnetelbladroller – 2017 (NL)

De brandnetelbladroller (Celypha lacunana) is erg variabel in kleurschakering maar kan vaak goed herkend worden aan de inkeping of vervaging van de donkere dwarsband. Deze bladroller vliegt ‘s nacht en komt goed op licht af. De vliegtijd is van mei tot en met augustus. Waardplant: beuk, berk, wilg, munt en brandnetel. Engelse benaming: Common marble. Friese benaming: –

Zilvervlekbladroller – 2017 (NL)

De zilvervlekbladroller (Pseudargyrotoza conwagana) is een kleine geelbruine bladroller met een opvallende lichtgele vlek die goed te zien is rusthouding. Verder vallen de kleine zilvergrijze kleine vlekjes op die de dwarslijnen vormen. De vliegtijd is van mei tot juli en kan voornamelijk overdag bewonderd worden. Waardplant: liguster, sering en es. Engelse benaming: Yellow-spot twist. Friese benaming: –

Kaardebolbladroller – 2017 (NL)

De kaardebolbladroller (Endothenia gentianaeana) is een bladroller die erg moeilijk te onderscheiden is van de andere Endothenia spp. De vleugels zijn blauwgrijs met daarop twee donkere dwarsbanden. De buitenste zone is meer wit gekleurd. De vliegtijd is van juni tot augustus. Waardplant: grote kaardebol en ruige weegbree. Engelse benaming: Teasel marble. Friese benaming: –

Grote appelbladroller – 2017 (NL)

De grote appelbladroller (Archips podana) is een vrij eenvoudig te herkennen bladroller vanwege de “bel”-vorm welke te zien is in rusthouding. Het mannetje en vrouwtje zijn wel verschillend qua kleur. Het vrouwtje is bruin met alleen een donkere langwerpige vlek langs de voorrand van de vleugel. Het mannetje heeft een donkere middenband halverwege de vleugel en een donkere vlek bij de vleugelwortel. Verder heeft het mannetje een witte zone op de vleugel. Deze bladroller vliegt in twee generaties van mei tot september. Waardplant: hazelaar, beuk, appel, peer, roos en bosbes. Engelse benaming: Large fruit-tree tortrix. Friese benaming: –

Gewone dwergbladroller – 2017 (NL)

De gewone dwergbladroller (Pammene fasciana) heeft een witte grondkleur met aan de binnenzijde van de vleugel een dwarsband van zilvergrijze kleine streepjes en aan de buitenzijde een bruine kleur. De vliegtijd is van juni tot augustus. Waardplant: eik en tamme kastanje. Engelse benaming: Acorn piercer. Friese benaming: –

Witschouderbladroller – 2017 (NL)

De witschouderbladroller (Acleris variegana) is een gemakkelijk te herkennen bladroller. In rusthouding is een duidelijke witte vlek te zien met in het midden een donkere ronde vlek. Vandaar de naam “witschouder”. De rest van de vleugel is donkerbruin of grijs. De vliegtijd is van juli tot september. Waardplant: meidoorn, sleedoorn, peer, roos, hazelaar en iep. Engelse benaming: Garden rose tortrix. Friese benaming: –

Kersenbladroller – 2017 (NL)

De kersenbladroller (Pandemis cerasana) is een kleine bladroller die net als vele familieleden in rusttoestand zijn vleugels in een platte ‘bel’-vorm houdt. De bovenkant van de vleugels zijn bruin en van bovenaf is een duidelijke bruine V-vormige band te zien. Meer naar de vleugelpunt is langs de buitenste rand nog een donkerbruine vlek te zien. De vliegtijd is van juni tot september. Waardplant: fruitbomen. Engelse benaming: Barred fruit-tree tortrix. Friese benaming: –

Distelbladroller – 2017 (NL)

De distelbladroller (Agapeta hamana) of klaverbladroller heeft een heldere lichtgele voorvleugel. Op de voorvleugel komen, verschillend in aantal, oranje of bruine markeringen voor die in intensiteit verschillen. In ieder geval is er altijd een duidelijke brede lijn van het midden naar de binnenhoek van de vleugels. Vliegt in de avond en komt gemakkelijk op licht. De vliegperiode is van april tot september in mogelijk één generatie. Waardplant: klaver, akkerdistel. Engelse benaming: – . Friese benaming: -.

Fruitmot – 2017 (NL)

De fruitmot (Cydia pomonella), ook wel appelbladroller, heeft een grijze voorvleugel met dunne bruinachtige dwarslijnen. Aan de buitenzijde heeft deze bladroller een koperachtig of goudkleurig oog met een driehoekige zwarte streep in het midden. De fruitmot is verantwoordelijk voor de wormstekigheid in appels en peren. Vandaar dat de appels aan de fruitboom in mijn tuin vaak ook deze rare plekken in zich hebben. De vliegtijd is in één soms twee generaties van mei tot oktober. Waardplant: appel en peer. Engelse benaming: Codling moth. Friese benaming: –

Koolbladroller – 2018 (NL)

Een algemeen voorkomende bladroller is de koolbladroller (Clepsis spectrana). De voorvleugel is vaal geelbruin, soms een beetje roodachtig, met een variatie aan spikkels. De donkerbruine dwarsband halverwege de vleugel en de eveneens donkerbruine vlek nabij de vleugelpunt zijn zeer opvallend. De vliegperiode is in twee generaties van mei tot in september. Waardplant:  wilg, hop, zee-aster, lavendel. Engelse benaming: Cyclamen tortrix. Friese benaming: –

Hermelijnbladroller – 2018 (NL)

Het meest opvallende aan de hermelijnbladroller (Notocelia cynosbatella) zijn de palpen welke een gele tot oranjeachtige kleur hebben. Een derde van de voorvleugel is zwart tot bruinachtig en de rest van de vleugel is roomachtig wit met hier en daar een lichtgrijze of bruine vlek. Aan het uiteinde van de vleugels zit een smalle strook die grijsbruin is. De vliegperiode is in één generatie van mei tot en met juli. Waardplant: rozen, appelboom, perenboom, meidoorn, haagbeuk en eik. Engelse benaming: Yellow-faced bell. Friese benaming: –

Anjerbladroller – 2018 (NL)

Het mannetje van de anjerbladroller (Caoecimorpha pronuba) is duidelijk te onderscheiden van het vrouwtje. Het mannetje is met zijn 7-9 mm kleiner dan het vrouwtje die 8-12 mm is. De voorvleugel van het mannetje is donker geelbruin met een zwak donkerbruin netachtig patroon aan de buitenkant. Verder een donkerbruin tot paarsachtige vlek. De vleugels van het vrouwtje zijn langer en bij de vleugelpunt is een piekvorm te zien. De bovenkant van de vleugel is lichter van kleur en het networmig patroon is duidelijk te zien. De achtervleugel is oranjeachtig. De vliegperiode is gedurende een groot deel van het jaar in twee generaties. Waardplant: roos, wolfsmelk, kardinaalsmuts. Engelse benaming: Carnation tortrix. Friese benaming: –

Groene eikenbladroller – 2018 (NL)

De groene eikenbladroller (Tortrix viridana) wordt soms verward met de kleine groenuil. Er is wel een duidelijk verschil. Deze bladroller heeft zijn vleugels in ruststand vlak terwijl de kleine groenuil ze in een dakvorm heeft in rusthouding. De voorvleugel is lichtgroen met een licht wit vlekkerig uiterlijk. De voorrand laat een hele dunnen gele lijn zien. De mannetjes zijn net iets kleiner dan de vrouwtjes. De vliegperiode is van mei tot in juli in één generatie. Waardplant: eik. Engelse benaming: European oak leafroller. Friese benaming: –

Grote witvlakbladroller – 2018 (NL)

Het is soms erg lastig bepaalde soorten bladrollers te onderscheiden. In eerste instantie was ik er van overtuigd dat de gespotte bladroller tot de Apotomis familie behoorde, maar na goed bestuderen en met behulp van literatuur kwam ik tot de Hedya soort grote witvlakbladroller (Hedya ochroleucana). Deze bladroller heeft een opvallende crème kleurig buitenzijde van de voorvleugel met daarop langs de rand een paar lichtbruine vlekken en in het vlak zelf een paar kleine zwarte stipjes. Die lichtbruine vlekken worden in de tijd steeds valer van kleur, maar deze bladroller is dan nog wel te herkennen aan de twee donkere streepjes in de buitenste twee vlekken. De voorvleugel is voor twee derde donkerbruin gemengd met blauwgrijze en zwarte vlakken. De vliegperiode is van juni tot september in één generatie. Waardplant: roos, appelboom. Engelse benaming: Off-white hedya. Friese benaming: –

Geisha – 2018 (NL)

Een zeer opvallende verschijning, en zeker wanneer je de foto’s later vergroot op je laptop, is de geisha (Olethreutes arcuella). Met name de oranje basiskleur van de vleugels met de zilverblauwe dwarslijnen vallen erg op wanneer je deze bladroller tegenkomt in het veld rustend op een groen blad. Vlak na de voorste dwarsband zit een lichtgele vlek met zwarte schakering en daarin enkele zilverblauwe vlekjes. De oranjekleur kun je zien als de kleur van de jurk van een Japanse geisha en de zilverblauwe strepen als de spaken van de parasol die ze ronddraait. De geisha vliegt van mei tot augustus in één generatie. Waardplant: afgevallen bladeren en plantenresten. Engelse benaming: Arched marble. Friese benaming: –

Gevlamde bladroller – 2018 (NL)

Een bladroller die zeker niet moeders mooiste is en welke me wat meer tijd kostte om te determineren is de gevlamde bladroller (Archips xylosteana). Met name het hele donkere, bijna zwarte, exemplaar maakt determinatie erg moeilijk. Normaal is de voorvleugel vaal geelbruin, soms donker en overwegend grijsbruin met roodbruine markeringen. Het wortelveld vormt een schuine slanke vlek met een afgeronde top. De middenband is zeer schuin vooral bij het mannetje. De onderste helft is sterk verbreed, de voorrand iets concaaf en de achterrand overal duidelijk met een krom tandje boven en een stompe hoek onder het midden. De voorrandsvlek is breder en rechthoekig. Vliegperiode is van eind mei tot half augustus in één generatie. Waardplant: esdoorn, meidoorn, populier, berk, kamperfoelie en fruitbomen. Engelse benaming: Variegated golden tortrix. Friese benaming: –

Gewone witvlakbladroller – 2018 (NL)

Een bladroller die tot de witvlakbladrollers behoort is de gewone witvlakbladroller (Hedya nubiferana). De voorvleugel is vanuit de basis voor ongeveer 2/3 donkerbruin of donker geelbruin gemengd met blauwgrijs en zwarte vlekken. Het andere 1/3 deel richting de vleugelpunt is wit met vaalgrijze of grijsbruine vegen. De vliegperiode is in één generatie van mei tot augustus. Waardplant: eik. Engelse benaming: Marbled orchard tortrix. Friese benaming: –

Fraaie dennenbladroller – 2018 (NL)

Zoals bij meerdere bladrollers van de ‘Archips‘-familie is ook het mannetje van de fraaie dennenbladroller (Archips oporana) kleiner en meer uitgesproken getekend dan het vrouwtje. De voorvleugels van he mannetje zijn paarsachtig bruin met roodbruine markeringen die omgeven zijn met een dunne witte lijn. De vrouwtjes zijn vaal paarsbruin met roodbruine markeringen en een netachtig patroon over de gehele vleugel. De achtervleugel is bij het mannetje grijsbruin met een koperachtige gloed terwijl dit bij het vrouwtje meer oranje is. De vliegperiode is van juni tot juli in één generatie. Waardplant: naaldbomen, gewone zilverspar. Engelse benaming: Pine tortrix. Friese benaming: –

Rode knopbladroller – 2018 (NL)

De rode knopbladroller (Spilonota ocellana) is een bladroller die moeilijk te onderscheiden is van de lariksbladroller (Spilonota laricana). Eigenlijk is een genitaliën onderzoek nodig, maar het is eventueel te herkennen doordat de lariksbladroller smallere voorvleugels heeft, grijzer is en meer zwarte vlekken. De voorvleugel van de rode knopbladroller is wit, soms vaal geelbruin met een grijze diffuse kleur. Vanuit de wortelbasis is de voorvleugel tot een derde zwartbruin en voor de rest wit. Meestal zit er een zwarte driehoekige markering vlakbij de vleugelpunt. Vanuit de vleugelpunt naar de binnenrand zijn loodgrijze vlekken te zien. In rusthouding kun je vanaf boven, na die grijze markeringen, een donkere vlek zien. De vliegperiode is in één generatie van mei tot in september. Waardplant: eik, berk, lijsterbes. Engelse benaming: Bud moth. Friese benaming: –

Dwarsstreephaakbladroller – 2018 (NL)

Een in Europa veel voorkomende bladroller en voor o.a. appelbomen een kleine plaag is de dwarsstreephaakbladroller (Ancylis achatana). De voorvleugel is roodbruin tot donkerbruin met twee grijswitte tot zilvergrijze dwarsbanden. Deze twee banden zijn via een dunne lijn met elkaar verbonden. Aan de binnenrand van de voorvleugel is een grote donkerbruine driehoekige vlek te zien. De vliegperiode is van eind mei tot september in één generatie. Waardplant: meidoorn, sleedoorn, appel, braam. Engelse benaming: Triangle-marked tortrix. Friese benaming: –

Tuinbladroller – 2018 (NL)

Het mannetje en het vrouwtje van de tuinbladroller (Clepsis consimilana) zijn, zoals je wel vaker ziet bij de bladrollers, verschillend getekend. De voorvleugel van het mannetje is geelbruin met lichte markeringen en een schuine dwarsband. Het vrouwtje is donkerder en heeft een roodbruine spikkeling op de voorvleugel. Verder heeft het vrouwtje geen dwarsband of andere markeringen behalve een paar zwarte vlekjes langs de buitenrand van de vleugel. De vliegperiode is in één generatie van juni tot in september. Waardplant: liguster, sering, kamperfoelie, meidoorn, appel en haagbeuk. Engelse benaming: Privet tortrix. Friese benaming: –

Zomerbladroller – 2018 (NL)

De zomerbladroller (Ditula angustiorana) is een relatief kleine bladroller. De vrouwtjes zijn vaak net iets groter en de markeringen verschillen lichtelijk. De voorvleugel van het mannetje is bruin met een vaal geelbruine ronde vlek halverwege de vleugel langs de binnenrand. Verder is halverwege de vleugel een smalle roodbruine dwarsband te zien en een roodbruine markering langs de voorrand vlakbij de vleugelpunt. De vleugel van het vrouwtje is meer oranjebruin met halverwege een kleine geelbruine vlek langs de voorrand. Vliegperiode is van mei tot augustus in één generatie. Waardplant: appel, peer, hulst, klimop, jeneverbes en buxus. Engelse benaming: Red-barred tortrix. Friese benaming: –

Berkenmarmerbladroller – 2018 (NL)

De berkenmarmerbladroller (Apotomis betuletana) lijkt heel erg op de wilgenmarmerbladroller (Apotomis capreana). De voorvleugel is vanuit de vleugelwortel voor 2/3 zwartbruin gemengd met loodkleurig en zwarte vlekjes. Het andere deel van de voorvleugel is wit met een geelbruine vlekje. Het verschil met de wilgenmarmerbladroller is het beste te zien via het bovenaanzicht. Bij de berkenmarmerbladroller zie je in het donkere gedeelte een lichtgrijze dunne lijn in de vorm van een vishaak. Verder zijn de twee zwarte vlekjes op de grens van het donkere en witte deel bij de berkenmarmerbladroller veel donkerder dan bij de wilgenmarmerbladroller. De vliegperiode is van juni tot september in één generatie. Waardplant: berk. Engelse benaming: Birch marble. Friese benaming: –

Lichte boogbladroller – 2018 (FR)

De lichte boogbladroller (Acleris ferrugana) is bijna niet te onderscheiden van de oranje boogbladroller (Acleris notana). Het beste zou dit te doen zijn via genitaliënonderzoek. Ik ben dan ook niet geheel zeker of ik de juiste keus heb gemaakt. De voorvleugel is geelbruin tot donker roodachtig bruin met variabele zwarte vlekjes. Bij de voorrand zit een driehoek vormige vaalbruine band waarbij de punt tot halverwege de vleugel uitsteekt. Bij de oranje boogbladroller is deze donkere band geheel glad terwijl bij de lichte boogbladroller aan beide zijden van de driehoek een inkeping zit. Vlakbij de punt zitten zwarte met enkele zilvergrijze vlekjes. Op 1/3 vanuit de wortelbasis is een duidelijke zwarte punt te zien. De vliegperiode is in twee generaties, één van juli tot half augustus en één van september tot mei waarbij de volwassen exemplaren overwinteren. Waardplant: eik, haagbeuk, berk en wilg. Engelse benaming: Rusty oak button. Friese benaming: –

Purperrode haakbladroller – 2019 (NL)

De voorvleugel van de purperrode haakbladroller (Ancylis unculana) loopt vlakbij de vleugelpunt uit in een kleine kwab. Het lijkt of de vleugelpunt gekromd is. Vandaar de naam haakbladroller. De vleugel is donkerbruin en iets meer oranje vlakbij de vleugelpunt. Verder is een brede vaalwitte of grijswitte dwarsband te zien die vanaf de basis bij de voorrand langs de rand loopt, halverwege de vleugel afbuigt over de vleugel en dan verder naar achteren loopt langs de binnenrand. De vliegperiode is van mei tot in augustus in één generatie. Waardplant: wilg en populier. Engelse benaming: Buckthorn roller. Friese benaming: –

Fijngestreepte haakbladroller – 2019 (NL)

De fijngestreepte haakbladroller (Ancylis apicella) dankt zijn naam aan de kromming aan het uiteinde van de vleugel. De voorvleugel is vaal geelbruin langs de voorrand en donkerbruin of gemengd donkerbruin/vaal geelbruin of grijsbruin langs de achterrand. Er loopt een crèmekleurige met vaal bruine lengtestreep vanaf de basis tot 3/4 van de vleugel en dan met een smalle hoek richting de voorrand. In het lichte deel is tenminste één donkere vlek te zien. De vliegperiode is in twee generaties van mei tot september. Waardplant: vuilboom. Engelse benaming: Hook-tipped roller. Friese benaming: –

Papegaaibladroller – 2019 (NL)

Een bladroller die zijn naam aan de kakelbonte kleurstelling ontleedt is de papegaaibladroller (Eulia ministrana). De voorvleugel is vaal geel met oranjebruine tot roodbruine vlekken in het midden en richting de achterrand. Op 3/4 zit een witte stip of vlek. De vliegperiode is van april tot in juli in één generatie. Waardplant: berk, eik en wilg. Engelse benaming: Brassy tortrix. Friese benaming: –

Tweebandbladroller – 2019 (NL)

De eerste spot van de tweebandbladroller (Piniphila bifasciana) was op licht. Deze bladroller heeft een bruingrijze voorvleugel met twee brede witte dwarsbanden. Eén band zit op 1/3 van de vleugel en één dichtbij de vleugelpunt. De banden zijn meestal grijswit of geelbruin en soms oranjeachtig tot roze. Vooral de band dichtbij de vleugelpunt. De vliegperiode is in één generatie van juni tot augustus. Waardplant: naaldbomen. Engelse benaming: Pine marble. Friese benaming: –

Margrietwortelmot – 2019 (NL)

Een bladroller die op het eerste gezicht een beetje een grijs uiterlijk heeft, maar bij nader inzien toch een variatie aan strepen en kleuren heeft. De margrietwortelmot (Dichromrampha acuminatana) heeft een voorvleugel die donker bruin is, soms met een licht paarse of roze gloed. Verder is de vleugel gespikkeld met een vaag geelbruine en brede bruinwitte bijna driehoekige vlek. Er zitten drie tot zes zwarte stippen op de buitenrand van de vleugel en de franjes zijn glanzend donker grijs met een centrale witte band. De rups voedt zich van de wortel van zijn waardplant en daarom geen bladroller in de naamgeving. De vliegperiode is in twee generaties van april tot in september. Waardplant: margriet. Engelse benaming: Sharp-winged drill. Friese benaming: –

Zonnesproetbladroller – 2019 (NL)

Op een zomeravond kwam ik de zonnesproetbladroller (Aleimma loeflingiana) tegen langs een voetpad op wat onkruid. Deze bladroller doet zijn naam wel eer aan. Genietend van de laatste zonnestralen die vallen op zijn geelbruine voorvleugel waar vele kleine donkerbruine vlekje te zien zijn, als het ware zonnesproeten. De variatie in tekening is zeer groot. Meestal zit bij de voorrand op 1/3 en halverwege wel een donkere markering en hebben de franjes een brede bruine basislijn. De vliegperiode is in één generatie van juni tot in augustus. Waardplant: eik, esdoorn. Engelse benaming: Yellow oak button. Friese benaming: –

Gewone dennenlotboorder – 2019 (NL)

Een goed te determineren en opvallende verschijning is de gewone dennenlotboorder (Rhyacionia buoliana). Deze bladroller lijkt erg op de rode dennenlotboorder (Rhyacionia pinicolana), maar wanneer je goed naar het onregelmatige witte lijnen patroon kijkt zie je bij de rode dennenlotboorder een boogvormige tekening bij het uiteinde van de achterrand die niet doorloopt naar het midden. Bij de gewone dennenlotboorder loopt die witte lijn door naar de vleugelpunt. De voorvleugel is verder helder oranje van kleur, soms een beetje doordrenkt met geelbruin of roodbruin. De vliegperiode is van juni tot in augustus in één generatie. Waardplant: grove den. Engelse benaming: Pine shoot moth. Friese benaming: –

Wederikbladroller – 2019 (NL)

De wederikbladroller (Phalonidia udana) is lastig te determineren. Deze bladroller wordt vaak verward met de muntbladroller (Phalonidia manniana). Eigenlijk is genitaliënonderzoek nodig om zekerheid te geven. Op basis van de kleuren van de soort die ik gespot heb, denk ik toch met de wederikbladroller te maken te hebben. Op de overwegend licht bruinwitte voorvleugel begint halverwege een lichtbruine dwarsband vanaf de voorrand die na 1/3 een knik vertoond en overgaat in een donkerbruine band. Nabij de vleugelpunt zit een lichtbruine dwarsband die schuin loopt richting de achterrand. De muntbladroller geeft vaak een meer donkere en bontere indruk. De vliegperiode is van april tot augustus. Waardplant: wederik. Engelse benaming: Loosestrife conch. Friese benaming: –

Loofboombladroller – 2019 (NL)

Een variabele van kleur zijnde bladroller is de loofboombladroller (Gypsonoma dealbana) die op een zomeravond gewoon bij mij op de bladeren van de vlinderstruik neerstreek. De kop van deze bladroller is bruin, soms gemengd met wat grijswit. De voorvleugel is wit met een donkergrijze basis met zwarte vlekjes. Op 2/3 zit een duidelijk zwart streepje op het midden van de vleugel. Bij de vleugelpunt zitten oranjebruine vlekken. De vliegperiode is van mei tot in augustus in één generatie. Waardplant: ei, berk, populier, meidoorn. Engelse benaming: Common cloaked shoot. Friese benaming: –

Ratelaarbladroller – 2019 (NL)

Bladrollers zijn soms zeer moeilijk te determineren. Zeker wanneer soorten van een onder-familie erg op elkaar lijken. Voor nu houd ik het op een ratelbladroller (Gynnidomorpha permixtana), maar deze bladroller kan ook verward worden met de wat grotere kartelbladroller (Gynnidomorpha minimana). De ratelbladroller heeft een crème oranjebruine voorvleugel met hier en daar donkerbruine of grijze vlekjes. Vooral langs de voorrand. Er zit een schuine donkere dwarsband vanaf een 1/3 van de achterrand tot vlakbij de voorrand waar hij afbuigt tot halverwege de voorrand. De vliegperiode is in twee generaties van mei tot in juni en van eind juli tot in augustus. Waardplant: koninginnekruid, grote waterweegbree, echte guldenroede. Engelse benaming: Coast conch. Friese benaming: –